Geplaatst in Leeg

Economische zelfstandigheid

In het buurtcentrum van Almere Parkwijk komt op zaterdagochtend de bedrijvigheid langzaam op gang. Wijkwerkers en vrijwilligers verslepen een enorme hoeveelheid tafeltjes de kleine zaal in aan de hand van ingenieus genummerd schema. Wij, de deeltijdopleiding Social Work, zijn gevraagd door Welzijnsinstelling De Schoor om deel te nemen aan de Vrouwendag 2017. Deze dag staat in het teken van economische zelfstandigheid – en is dat, mailde de welzijnswerker, niet één van de belangrijkste doelen van onderwijs? We zeiden ‘ja’ en ‘zeker’ en negeerden onze communicatiemedewerker die op de achtergrond haar hoofd schudde (niet echt onze targetgroup), maar ach, je bent sociaal werker of je bent het niet.

Wij krijgen tafel nummer 13 toegewezen. Mijn collega en ik hebben een kleine worsteling met de banier van ‘Social Work’ die achter onze tafel mensen onze kant op moet lokken. Onze ‘stand’ is iets kleiner dan verwacht, en de uitbundige bloemen en chocolade eitjes die ik heb meegenomen vullen eigenlijk de gehele tafel – tja, waar laten we de folders??

En zo staan we ingeklemd tussen ratelende Latijns-Amerikaanse kettingverkoopsters die vrouwen steunen in Ecuador, een budgetcoach met haar eigen schuldsaneringsprogramma en een mevrouw met slechts visitekaartjes op haar tafel, die vrouwen steunt bij het opzetten van hun eigen bedrijf.

Gedurende de ochtend komen vrouwen in alle soorten en maten langs onze tafels. Soms voor onze pennen, soms omdat ze altijd al sociaal werker wilden worden, soms omdat ze best bij ons zouden willen werken – er zijn heel wat ervaringsdeskundigen in de zaal.

We komen tot de ontdekking dat onze communicatiemedewerker natuurlijk gelijk had. Wat de meeste vrouwen willen weten is hoeveel deze opleiding dan kost. Ze schrikken zichtbaar van het bedrag, en al helemaal van vier jaar studeren. Economische zelfstandigheid verwerven door een opleiding te volgen is, zo blijkt, weggelegd voor degenen die al enigszins economisch zelfstandig zijn. Een pijnlijke constatering.

Gelukkig neemt een aantal vrouwen de folder toch mee. Voor de buurvrouw. Of voor hun dochter. Wie weet lukt het hen wel.

Geplaatst in Onderwijs

Nationale Ouderendag 2

Op een druilerige zaterdagochtend sta ik met vier studenten van mijn Hoge School voor de grijze voordeur van meneer E. Wij komen vrijwillig zijn wens vervullen voor de Nationale Ouderendag: zijn tuin opknappen.

Even later sta ik met een grote snoeischaar in mijn hand in de achtertuin een reusachtige conifeer te bedwingen. Naast mij staat Wahid, één van mijn studenten, met een elektrische schaar te wankelen op een trapje om de toppen uit de bomen te zagen. In de voortuin staan nog twee ijverige studenten – zij schoffelen de grond alsof het niets is. De regen miezert zachtjes op onze hoofden.

Tussen het snoeien door vertelt Wahid mij zijn vluchtverhaal. Hij is op zijn tiende met zijn familie vanuit Iran naar Nederland komen lopen. Ik herhaal: komen lopen. Wekenlang is hij met zijn familie, in steeds wisselende groepen, via Turkije en Roemenië naar Nederland gewandeld.

Meneer E. luistert zwijgzaam op de achtergrond mee. We nemen al werkend de heg van de buurman ook nog even mee. De details van de reis schokken ons beiden. Ik word er stil van.

Als we tijdens een pauze thee drinken op de hoekbank van meneer E. vertelt hij ons schuchter over zijn jeugd in Amsterdam. Hoe hij in de hongerwinter is geboren en hij na de oorlog met zijn familie in een armoedige flat werd geplaatst. Hoe het sanitair daar regelmatig overliep en hoe hij iedere avond als kind dikke wandluizen over het afgebladerde behang zag kruipen vanuit zijn bed. Mijn studenten griezelen mee, al griezelen we ook een beetje van de waterkoker in de keuken van meneer E. die geen deksel heeft en ieder moment kortsluiting kan opleveren.

Bij thuiskomst kijk ik door het keukenraam naar binnen. Mijn zonen spelen aan tafel een spel – de oudste twaalf, de jongste bijna tien. Ik probeer me voor te stellen hoe het is om te leven in een huis met wandluizen of mijn huis te verlaten om duizenden kilometers met hen aan mijn zijde naar een veilig heenkomen te lopen. En ik ben dankbaar dat ik het mij slechts hoef voor te stellen.

Geplaatst in Onderwijs

Kerstspeech

‘Je moet me even helpen je oma te plagen’ zegt mijn vader tegen mijn zoon. We zitten op zaterdagmiddag in zijn kleine autootje, want hij heeft ons opgehaald op het station zodat we bij mijn ouders kunnen lunchen.

Of we het kerststuk op tafel wat extra konden prijzen. ‘Ik heb’, licht mijn vader aan mijn zoon toe, ‘met je oma samen in de kerk kerststukjes gemaakt, maar je oma vindt dat mijn kerststukje niet echt aan de regels van een kerststukje voldoet’. Ik zit al te schudden van het lachen, want mijn vader is een ‘stabiele’ (lees gezette) man met baard en bulderstem. De gedachte dat hij met zijn dikke vingers tussen allerlei bejaarde dames óók een kerststukje zit te maken werkt danig op mijn lachspieren. Ten tweede, ik zie direct mijn moeder voor me die mijn vader argwanend in het oog houdt, want mijn moeder houdt van mooi en klassiek en heeft een grondige hekel aan vreemde kerststukken op tafel.

‘Je oma’, gaat mijn vader verder, ‘vindt mijn kerststukje lelijk want ik heb er een rode boog en dennenappels in gedaan en blijkbaar hoort dat niet’. ‘En toen zei ze aan het einde van het kerststukjes maken waar iedereen bij was: nou Jack, die van jou zetten we dan wel op het balkon’.

En zo werd kerst vorige week al heel vrolijk ingeleid. Mijn zoon en ik hebben uiteraard direct bij binnenkomst het kerststuk van mijn vader, die toch op tafel was beland, enorm geprezen. Ik zei zelfs: nou, die zou ik wel willen hebben! ‘Prima’, zei mijn moeder, ‘we brengen hem deze week langs’.

En nu is het dus bijna kerstvakantie. Een jaar voorbij.

Een jaar waarin wij als docenten heel hard hebben gewerkt aan een nieuwe opleiding. Een jaar waarin we naar jullie, studenten, hebben geluisterd. Naar jullie persoonlijke verhalen: die vaak lastige school/werk/prive balans, je kinderen die ook nog aandacht willen, familieleden die ernstig ziek zijn, ouders die scheiden, hoe in hemelsnaam bij de zoveelste onvoldoende gemotiveerd te blijven en hoe om te gaan met je eigen problemen die soms zoveel plek innemen dat de opleiding naar de zijlijn wordt gedrukt.

Maar in dit jaar hebben wij vooral van jullie genoten. Want wat is er mooier dan studenten te zien groeien, sterker te zien worden, hun problemen te zien aangaan – kwetsbaar durven zijn, maar ook krachtig.

Dus ook al voel je je soms een mislukt kerststukje – laat jezelf niet op het balkon plaatsen maar zet jezelf lekker op de tafel. Jij mag gezien worden.